(Turks)-Hollandse Nieuwe

Turks Hollandse -nieuwe-Yesim-Candan

“Dé Nederlandse identiteit bestaat niet,” aldus toen nog Prinses Máxima tijdens de presentatie van de ’Identificatie met Nederland’, een rapport van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid in 2007. “Nederland is te veelzijdig om in één cliché te vatten.” Toch spreekt tien jaar later premier Rutte over ‘de gewone Nederlander’. Maar wie is die gewone Nederlander? Is dat ook de Nederlander met een dubbel paspoort of een bi-culturele achtergrond? Afgelopen week is de discussie hierover weer opgelaaid naar aanleiding van een motie van wantrouwen tegen een aantal bewindspersonen met een meervoudige nationaliteit.

Yesim Candan en Sinan Can, de initiatiefnemers van de video ‘(Turks-)Hollandse Nieuwe’, zetten rolmodellen in om aan te tonen dat de kracht van Nederland juist in de menging van nationaliteiten en culturen zit. ‘De gewone Nederlander’ is inmiddels de generatie voor wie de pluriforme samenleving een vanzelfsprekendheid is. Immers, de helft van de grote steden in Nederland is bicultureel. Zo leven in Nederland bijna 400.000 Turkse Nederlanders die een zeer bewogen jaar hebben gehad. Een jaar waarin loyaliteit centraal stond en hun oorspronkelijke nationaliteit en binding met het herkomstland werd beschouwd als een belemmering voor hun bijdrage aan Nederland.

Uit onderzoeken van het Sociaal Cultureel Planbureau en het Researchcentrum voor Onderwijs en Arbeidsmarkt blijkt dat de positie van jongeren met een niet-Nederlandse afkomst op de arbeidsmarkt slechter is dan die van anderen. Met ‘(Turks-)Hollandse Nieuwe’ hopen Candan en Can biculturele jongeren te inspireren en motiveren. De boodschap is: je biculturaliteit en je meertaligheid is geen handicap, maar een verrijking. Zie het als een privilege dat je kan kiezen. Doe er je voordeel mee! Can: “We willen jongeren laten zien dat zij wel degelijk een kans maken op de arbeidsmarkt en dat ook zij een plek hebben in de toekomst van Nederland. Daarom hebben we gekozen voor rolmodellen: wat zij kunnen, kan jij ook!”

Door deze jongeren niet het voordeel van de twijfel te geven, doen werkgevers niet alleen de nieuwe generatie arbeidskrachten tekort, maar ook zichzelf. Bij een vergrijzende bevolking en groeiende economie wordt het touwtrekken op de arbeidsmarkt. Candan: “Hoe dom is het om talent dat voor het oprapen ligt te laten schieten? We presenteren met deze video Turks-Nederlandse rolmodellen die actief zijn in verschillende branches. Door hen de vraag te stellen: “Wat is er nou Nederlands en wat is er nou Turks aan jou?” willen we werkgevers en de rest van het land laten zien wie ‘de gewone Nederlanders’ anno 2017 zijn en wat hun meerwaarde is.” De tweede film uit de serie van Yesim Candan en Sinan Can “(Marokkaans-)Hollandse Nieuwe” zal Marokkaans-Nederlandse rolmodellen bevatten.

“Ik begrijp een Turk als ik hem in de ogen kijk. En een Nederlander ook. Met een biculturele achtergrond sta je gelijk 1-0 voor.” [Atilay Uslu]

De initiatiefnemers en makers:

Concept: publiciste Yesim Candan en journalist Sinan Can. Beider grootvaders zijn 50 jaar geleden naar Nederland gekomen om hier een bestaan op te bouwen.

Bekijk hier de video (Turks) Hollandse Nieuwe

“Directheid en barmhartigheid.” [Funda Mujde]

De video is tot stand gekomen in samenwerking met filmmakers Eddy Terstall, Meral Muslu, Maria Mok en Ahmet Polat. Het doel van de video is om Nederland de kracht van diversiteit te laten zien en ervaren.

De rolmodellen

·         Sinan Can, Journalist voor de Vrede 2016

·         Orhan Delibas, aka The Turkish Delight, zilveren medaille boksen Olympische Spelen 1992

·         Serdar Gozubuyuk, scheidsrechter, Gouden Kaart 2012

·         Arzu Kökeng, EU Young Journalist Award Netherlands 2006 en genomineerd voor 2016 International Emmy® Kids Awards met de film ‘Dede’ die zij heeft geschreven

·         Deniz Terli, Muuse X Vogue Talents Young Vision Accessories Award 2014

·         Karsu Donmez, Edison Publieksprijs 2016

·        Atilay Uslu, reismanager van het jaar 2013

·         Nazmiye Oral, Gouden Kalf ‘beste actrice televisiedrama’ 2016

·         Murat Isik, Bronzen Uil Publieksprijs 2012 voor zijn roman ‘Verloren Grond’

·         Cigdem Yuksel, Zilveren Camera 2016

·         Funda Mujde, beste vrouwelijke actrice Julia’s Geheim van Hans Hylkema

·         Yesim Candan, Aletta Van Nu prijs 2010

 

Radio EenVandaag | Hollandse Nieuwe

De-optimist-Radio-1-Yesim-Candan

Publicist Yesim Candan maakte met bekende NederTurken een vrolijke video-clip: ‘Hollandse Nieuwe’. Dit als voorbeeld van positieve verhalen van Turkse Nederlanders. We horen vaak negatieve verhalen over Turken in Nederland, maar vandaag kijken we naar de positieve kanten.

Bekijk het fragment hier.

Interview theater gezelschap Vloeken in de kerk | “Het leven tussen twee culturen maakt mij tot een gelukkig mens”

Yesim-Candan-2

In september 2018 verzorgde Yesim de gastspreek in de theatrale dienst Multiculti Happinez van theater gezelschap Vloeken in de Kerk.  Zij gingen voor aanvang in gesprek met Yesim over de relatie tussen geluk, cultuur en religie, en ontdekte in Yesim een feministische powervrouw die de kracht van twee culturen in zichzelf verenigt en overal het positieve in ziet.

Wat betekent geluk voor jou?

Schermafbeelding 2018-08-14 om 14.00.43.png
Geluk heeft voor mij te maken met twee dingen. Allereerst geloof ik dat je je eigen geluk bepaalt, dat je het kunt afdwingen. Ik geloof in visualisatie, focus en positief denken. De voetballer Ronaldo doet dat ook, die zegt positieve dingen tegen de bal voordat hij schiet. Alles wat je aandacht geeft groeit, dat heet zelfcreatie. Hoe meer positieve dingen je denkt, hoe meer positieve dingen er op je af komen. Ten tweede heeft geluk voor mij met religie te maken, met bijgeloof. Ik geloof dat alles een reden heeft in het leven, niet op wereldniveau maar wel op microniveau. Dat helpt om dingen te accepteren en je niet onnodig schuldig te voelen. Dus geluk komt voort mij voort uit de combinatie van zelfcreatie enerzijds en het geloof dat alles met een reden gebeurt anderzijds. Een groot deel van het leven kun je zelf bepalen, en de rest gebeurt met een spirituele reden waar je op de een of andere manier ook weer iets aan zult hebben.

Waarom noem je religie bijgeloof?

Religie is onaantastbaar, ongrijpbaar. Je kunt het niet verklaren, je hebt gewoon een sterk gevoel erbij. Ik ben gelovig op een hele vrije manier, ik geloof niet in regels. Ik ben niet godsdienstig opgevoed door mijn ouders, maar mijn oma’s hebben me iets van religie bijgebracht. Als kind werd ik best wel aan m’n lot overgelaten door mijn ouders en ik verloor toen ik negen was mijn beste vriendinnetje Olivia aan een verkeersongeluk. Wij staken altijd samen de weg over, en één keer toen ik daar niet bij was is ze overleden. Religie geeft in zo’n situatie kracht en hoop. De gedachte dat alles om een reden gebeurt, heeft mij enorm geholpen om hiermee om te gaan.

Ik zie de Islam als iets waar ik symbolen en rituelen uit kan putten. Vogels zijn bijvoorbeeld boodschappers: uilen en zwarte vogels als het teken van de dood. Iedere keer als ik een zwarte vogel zie, gaat er iemand dood. Ik heb een boekje met symbolen van de islam, er zijn er nog veel meer. In onze cultuur is het heel normaal dat je luistert naar tekens. Als een samenwerking in je werk niet lukt, is het bijvoorbeeld een teken dat je ermee moet stoppen.

Welke gebruiken bestaan er in de Turkse cultuur die te maken hebben met geluk?

Héél veel. We doen bijvoorbeeld aan doping: na veertig dagen word je als moeder en als kind gewassen met rijst, stenen en geld als een vorm van reiniging. De Turkse cultuur is constant bezig met geluk via dit soort rituelen. Wij zeggen ook bij alles ‘bon chance’. In het Nederlands zeggen we ‘veel succes’, maar dat is meteen zo zwaar. ‘Veel geluk’ vind ik een mooiere wens, het klinkt veel positiever.

Winkeliers in Turkije wassen iedere ochtend de stoep met water voor geluk, in de hoop op een goede toestroom van klanten. En als je op reis gaat met de auto gooien we water achter de auto voor geluk. Ook hangt in ieder ziekenhuis, ministeriegebouw, restaurant of bedrijf het blauwe oog dat beschermt tegen het boze oog. Ik geloof heel erg in dat symbool, sinds ik kinderen heb nog meer. Met mijn kinderen doe ik samen dankbaarheidsgebedjes voordat ze gaan slapen, en dan sturen we liefde naar mensen die het nodig hebben of ziek zijn. Mijn kinderen vinden zulke rituelen heel fijn, daardoor voelen ze zich beschermd.

Welke gelukstradities bestaan er in de Islam?

De ramadan heeft alles te maken met dankbaarheid en dus met geluk. Ik vast niet ieder jaar, maar als ik het doe ben ik zo intens dankbaar voor alles wat ik heb. Dat ben ik de rest van het jaar nooit op die manier. Het suikerfeest en offerfeest horen bij de ramadan. Sommige Nederlanders vragen kritisch waarom ik dat vier als ik niet gevast heb. Ik snap daar niets van, in Nederland viert toch ook iedereen kerst? In Turkije viert iedereen op dezelfde manier het suikerfeest, of je nu gevast hebt of niet. Het is een feest waarbij je de hele dag op bezoek gaat bij familie en bij iedereen langs hopt. Het offerfeest vindt twee maanden na de Ramadan plaats. Daarbij wordt een schaap geslacht en bij wijze van ritueel wordt het bloed op je voorhoofd gesmeerd voor geluk. Vervolgens wordt er samen van het vlees gegeten en wordt er uitgedeeld aan de armen. Ik heb daarvan geleerd dat je geluk moet delen. Als ik naar Turkije ga, geef ik mijn geld in no time uit aan de armen. Ik geloof in die zin in karma: hoe meer je deelt, hoe meer je krijgt. Ik blijf uit de buurt bij gierige mensen, want die kunnen ook hun geluk niet delen. Zelf word ik juist blij en gelukkig van het delen.

In de Islam kun je natuurlijk ook bidden voor meer geluk. Ik ga soms naar de moskee om te bidden. Maar ik vind het niet kloppen dat mannen en vrouwen gescheiden moeten bidden, in dat opzicht ben ik echt feministisch. In het geloof is voor mij iedereen gelijk. Op begraafplaatsen ligt toch ook iedereen naast elkaar, waarom zouden we dan in leven gescheiden van elkaar moeten worden?

In een interview op Nieuwwij omschrijf je het geluk van het leven tussen twee culturen.[1]Hoe zie je dat? 

Twee is meer dan één! Ik ben positief ingesteld, ik vind het een rijkdom dat ik uit beide culturen kan putten en dat ik dingen uit beide culturen kan vergelijken met elkaar. Turken zijn bijvoorbeeld extreem emotioneel, terwijl Nederlanders dat totaal niet zijn. Die vergelijking vormt mij tot wie ik ben, ik heb altijd twee referentiekaders. Ik omschrijf mezelf daardoor als een gelukkig persoon, ik zou dat niet willen missen. 

In een column in de Volkskrant omschrijf je een vorm van hokjes-denken: ‘Mensen willen duidelijkheid over je identiteit zodat ze direct een analyse van je kunnen maken.’ Denk je dat dat gegeven geluk in een multiculturele samenleving in de weg staat?[2]

Zeker, dat maakt alles zo klein. Ik geloof helemaal niet in hokjes, maar juist in een stromende beweging. Als mens ben je zoveel dingen tegelijk, maar men wil vaak dat je kiest welke rol je vertegenwoordigt. Waarom zou je altijd moeten kiezen? Dat belemmert, ik wil mensen inspireren dat dat niet hoeft. De jonge generatie is daar al ruimdenkender in, door social media kun je veel meer kanten van jezelf laten zien en is de wereld meer verbonden met elkaar. Jongeren willen veel minder geframed worden. Tegelijkertijd er is ook een groep Turkse-Nederlandse jongeren die juist beïnvloed wordt door die druk om in een hokje te passen. Zij gaan zich steeds Turkser voelen en gedragen. Daar maak ik me zorgen over. Ik denk dan: je bent hier geboren, creëer je eigen geluk hier! Het lijkt alsof ze vastzitten tussen twee culturen en constant in strijd zijn met zichzelf. Dan kun je nooit geluk vinden. Het leven is zo kort, maak er iets moois van! Iedereen heeft een droom, maar je moet er wel voor werken om die te realiseren.

In de Volkskrant schrijf je dat de ‘pleur op’ opmerkingen van Rutte Turks-Nederlandse jongeren in de armen van Erdogan drijven. Wat zou er moeten veranderen in onze politiek?

Er is in mijn beleving nog nooit een politieke partij in Nederland geweest die heeft gezegd: jullie zijn een meerwaarde voor ons, jullie doen ertoe. Dat vind ik kwalijk. Daarmee wil ik niet zeggen dat de politiek niet streng mag zijn en niet mag eisen dat we ons aan de Nederlandse regels houden als we hier wonen. Sterker nog: ik ben daar zelf ook heel streng in en vind het heel belangrijk om je aan te passen. Maar dat kan alleen als politici óók duidelijk aangeven dat de Turks-Nederlandse inwoners belangrijk zijn, dat ze erbij horen. Bijvoorbeeld door het belang te benoemen dat onze voorouders hebben bijgedragen aan het opbouwen van de Nederlandse economie. Daarin mis ik inspirerend leiderschap in Nederland. Rechtse partijen roepen ‘pleur op’ en linkse partijen vinden het zielig en gaan thee met ze drinken. Dat werkt allebei averechts.

Waarin kan de Nederlandse cultuur leren van de Turkse cultuur?

Ik vind de Nederlandse cultuur soms keihard. Nederlandse ouders vinden bijvoorbeeld dat kinderen al jong moeten leren omgaan met teleurstellingen. Op het schoolplein kunnen moeders glashard een kind weigeren om te komen spelen. Ik vind dat een vorm van buitensluiting waarvan ik niet snap dat je dat een kind zou willen leren. Zo liefdeloos dat ik er buikpijn van krijg. Laat een kind gewoon kind zijn! Nederlanders hebben buitensluiting in mijn ogen echt uitgevonden. Ik zou nooit een kind laten huilen, ik wil kinderen gelukkig maken. Mijn eigen kinderen leer ik dat je nooit iemand mag buitensluiten, dat iedereen welkom is. Turken zouden dan ook nooit een gast weigeren. Het nadeel daarvan is echter wel dat Turken soms over hun eigen grenzen gaan in het zorgen voor elkaar.

In mijn micro-omgeving probeer ik anderen vanuit die Turkse zorgende traditie te inspireren. Laatst heb ik bijvoorbeeld Turkse linzensoep meegenomen voor iemand die geopereerd was. Mensen zijn dan heel verbaasd, maar ze waarderen het enorm. Het is zo simpel om te delen en een beetje geluk te brengen. Daardoor vergeleek iemand mij laatste met Amélie uit de film. Omdat ik net als zij graag iedereen gelukkig wil maken.

Yesim candan: straatvechter, bokita en bi-culturele feminist | Opzij

Yesim-Candan-2

Door Redactie OPZIJ – 1 augustus 2018

Straatvechter, Bokita en bi-culturele feminist. Zo noemt Yesim Candan (1975) zichzelf. De Turks-Nederlandse onderneemster won in 2010 de Aletta van Nu Prijs voor haar politieke partij Partij Eén die ze destijds had opgericht. Ze springt op de barricades voor gelijke salarissen en een verbod op te dunne modellen op tv, maar voor de rest moeten we niet zo zeiken.

“Ja, een tijdje geleden zei een man dat ik zijn thee moest zetten. Hij probeerde me op mijn plek te zetten als een grapje. Hij vond dat ik als vrouw dat moest doen, anders was ik geen goede vrouw. Ik kreeg een discussie met hem. Ik ben namelijk opgegroeid met mannelijke energie, allemaal zilverruggen, Bokito’s dus. De opperzilverrug was mijn opa. Hij leidde me op met harde hand. Niet lullen maar poetsen. Ik speelde met jongens op straat en haalde kattenkwaad uit. In mijn doen en laten ben ik mannelijk. Ik zie er dan wel vrouwelijk uit, maar ben een alpha male. Ik voel me prettig bij mannen en ben one of the guys. Stoer, directief en ik kom voor mezelf op. Een Bokita dus.
Ik heb last van vrouwen die zeiken. Over hoeveel vrouwen er aan tafel mogen zitten in een praatprogramma, over of je ’s avonds laat wel naar huis kan rijden in je eentje, over het glazen plafond en of het niet rustiger aan moet doen als je heel ambitieus bent. Mannen hebben het daar niet over. Zouden mannen na Pauw gaan zeuren dat er alleen maar vrouwen aan tafel zaten? Nee. Ik denk dan: houd je bek. Ik stoor me daaraan. Ik vind daar niks feministisch aan.”

Lees hier verder (€)

Vuurwerk bij debat Leefbaar: ‘Tijd voor een tegengeluid’

- Algemeen Dagblad 13-02-2018- 

Het knetterde lekker tijdens het Leefbaar-debat ‘Weg met ons’, gisteravond in het Wereldmuseum.

Elk debat knapt op van wat theater, dat weet Telegraaf-journalist Wierd Duk ook. Hij was gisteravond lid van het discussiepanel tijdens het Leefbaar Rotterdam-debat ‘Weg met ons’. ,,Ik eis excuus!”, riep hij. Trok zijn jasje aan en maakte aanstalten om het podium te verlaten. ,,Dit is volstrekt onacceptabel.” De 150 aanwezigen zaten weer even strak op hun stoel.

Leefbaar Rotterdam heeft ‘haar buik vol van de afkeer van de Nederlandse cultuur, historie en tradities’, stond in de aankondiging van het debat. ,,Het is tijd om een tegengeluid te geven en de confrontatie op te zoeken”, aldus de initiatiefneemster binnen Leefbaar Tanya Hoogwerf. En confrontatie krijg je natuurlijk, als je dan ook het welbespraakte Denk-Tweede-Kamerlid Farid Azarkan uitnodigt, samen met twee historici – Thomas von der Dunk en Geerten Waling – en publiciste Yesim Candan.

Die excuses, die eiste Duk van Azarkan voor deze woorden: ,,Wat Wierd Duk eigenlijk zegt is: het gevaar, dat zijn moslims. Dat is zijn obsessie. Terwijl hij werkt voor een krant die in de oorlog heulde met de vijand.”

Nee, de mea culpa kwam niet, wel een goede vraag uit het publiek. Of de zaken eens omgedraaid konden worden. Kon Azarkan een gevaar van migratie noemen en kon Duk iets positiefs zeggen over de komst van nieuwe Nederlanders. ,,We ontkomen er niet aan onze verantwoordelijkheid te nemen en vluchtelingen op te nemen”, begon Azarkan. ,,Maar ik zit ook niet te wachten op problemen. Vanaf de eerste dag moeten ze meedoen. De taal leren en als je je niet nuttig maakt, krijg je geen uitkering. Dat doen veel mensen nu al, maar er is een groep die achterblijft.”

Succesverhalen

Jij vertegen­woor­digt die mannen. Zeg het, vrouwen hebben gelijke rechten!

Tanya Hoogwerf

Toen was het Duks beurt, die ook zonder excuses toch maar was blijven zitten. Hij noemde de ‘vele succesverhalen’ van bijvoorbeeld zijn debat-collega Yesim Candan als positief punt. ,,Maar ik zie toch ook dat sommige groepen het belang van Nederland niet voor ogen hebben.”

Het andere debat-hoogtepuntje kwam van Tanya Hoogwerf zelf, terwijl ze de stelling ‘als standbeelden van zeehelden een disclaimer moeten krijgen, dan ook de voordeur van elke moskee’ introduceerde. Van de profeet Mohammed sprong ze naar moslimvrouwen die verkracht werden door hun man, en wat Azarkan daar dan van vond. ,,Doe aangifte, dan kan de politie dit heel snel aanpakken”, antwoordde hij. Maar dat was niet voldoende voor de ijzeren dame van Leefbaar.

,,Zo makkelijk kom je er niet mee weg. Jij vertegenwoordigt die mannen. Zeg het, vrouwen hebben gelijke rechten!”

,,Houd op met demoniseren,” riep Azarkan . ,,Ik zeg toch, keihard aanpakken.”

En toen was de vraag wat die Nederlandse identiteit nou eigenlijk inhoudt nog niet eens beantwoord.

Door: Monica Beek

De Nieuws BV – NPO Radio 1 | Yesim Candan over de verkiezingen in Turkije

Yesim-Candan-De-Nieuws-BV-Radio-1-Turske-verkiezingen

De AK-partij van premier Erdogan heeft de lokale verkiezingen in Turkije gewonnen. Zijn regeringspartij sleepte 45 procent van de stemmen binnen, terwijl de belangrijkste oppositiepartij CHP maar 28 procent behaalde. Na het sluiten van de stembureaus liepen de spanningen op tussen voorstanders en tegenstanders van Erdogan. De Nieuws BV  – NPO Radio 1 sprak met Yesim Candan over de uitslag.

Interview NieuwWij “De Wildersen en Baudets van deze wereld zijn niet altijd even tactisch, maar ze mogen er zijn”

Yesim-Candan-interview-NieuwWij

Judith van Leeuwen: 26 juli 2017

Lobbyiste Yesim Candan kent als kleindochter van een Turkse gastarbeider “het geluk van twee culturen.” Tegen haar twee kinderen zegt ze altijd: “Jullie zijn zó rijk, wees er blij mee.”

De Turks-Nederlandse lobbyiste Yesim Candan leeft in twee werelden. Ze geniet ervan, maar ze constateert ook onbegrip en onverdraagzaamheid als het gaat om multiculturaliteit. Al sinds het begin van haar carrière richt ze zich op het thema diversiteit en geeft ze hierover lezingen. De afgelopen jaren was ze ook actief in de politiek, schreef ze een boek en lanceerde ze een nieuw woord voor allochtoon: ‘bicultureel’.

Wat is beter: mensen met een migratieachtergrond of bicultureel?

“Migrant vind ik echt een ouderwets begrip. Gastarbeiders, zoals mijn opa, waren migranten. Ik ben derde generatie. Ik hoor niet meer bij de groep die huis en haard verliet voor werk. Bicultureel vind ik veel meer van deze tijd.”

Yesims opa Necati Candan komt in 1968 naar Rotterdam. Zijn vrouw en zes kinderen volgen een paar jaar daarna. Hij gaat werken bij een scheepswerf. Later begint hij met zijn zoons een islamitische slagerij. Yesims ouders trouwen in Turkije en vestigen zich in Nederland. In 1975 wordt Yesim geboren in Rotterdam. Ze gaat naar een zwarte school en went al vroeg aan de directe en rauwe mentaliteit van de stad.

“Ik woon in Amsterdam maar Rotterdam is mijn thuis. Altijd keihard werken, die les heb ik geleerd van mijn ouders. Dat zit natuurlijk ook in het DNA van de stad. Die mentaliteit heeft alles te maken met de wederopbouw na de Tweede Wereldoorlog. Emigreren is net zoiets. Mijn opa kwam met niets uit Turkije en heeft hier een bestaan opgebouwd, met als gevolg een nieuwe generatie van Turkse Nederlanders. Dat is toch fantastisch. Volgend jaar is het precies vijftig jaar geleden en daarom willen we een groot familiefeest organiseren met alle kinderen en kleinkinderen.”

Ben je religieus opgevoed?

“Godsdienst speelde niet bij ons thuis. We vierden het Offerfeest en het Suikerfeest, maar verder was de islam geen issue. Wel voor mijn oma, zij leerde mij versjes uit de Koran. Door haar kreeg het geloof een belangrijke plek in mijn leven.”

Welke rol speelt religie nu in jouw leven?

“Religie zit voor mij vooral in het tonen van dankbaarheid. Ik leer het mijn kinderen. Maar het is ook kunnen genieten van het hier en nu. Ik worstel er momenteel wel mee. Ik vind het moeilijk dat een rijk moslimland als Saoedi-Arabië geen vluchtelingen toelaat. Bizar. Een van de vijf pilaren van de islam is toch mensen helpen? Nu vluchten ze naar Europa en verdrinken veel van hen. Dat Saoedi-Arabië de andere kant opkijkt, doet mij pijn. Religie is politiek geworden en daar wil ik afstand van nemen. Grote uitzondering is de koning Abdoellah II van Jordanië. Hij komt op voor de vluchtelingen en hield een speech bij de VN. Zijn woorden hebben grote indruk op mij gemaakt. Hij is mijn grote voorbeeld.”

Na alle aanslagen werden moslims in de pers bekritiseerd: ze moesten de aanslagen publiekelijk veroordelen.

“Ga ik nooit doen, me distantiëren van die aanslagen. Ik vind dat belachelijk. Die aanslagen zijn terrorisme, die hebben niets met mij en mijn geloof te maken. Dat verschil moet echt benoemd worden, het zijn freaks.”

Na de middelbare school kiest Yesim voor de International School of Economics. Daarna volgt de Erasmus Universiteit en uiteindelijk belandt ze op Nyenrode waar ze Bedrijfskunde gaat studeren. Haar eerste baan bij een groot internationaal bedrijf in schoonmaakmiddelen vindt ze al snel onbevredigend. Ze wil een baan waarin ze meer kan betekenen voor de samenleving. Ze gaat aan de slag als trainer bij De Baak, een opleidingsinstituut op het gebied van ondernemerschap en leiderschap. Daar ontwikkelt ze de wedstijd ‘Inspiratie voor Integratie’ en gaat op zoek naar bicultureel talent in samenwerking met voormalig minister-president Balkenende, Ahmed Aboutaleb, prinses Máxima en Neelie Kroes.

Diversiteit werd een belangrijk thema in je werk.

“Ik heb jarenlang lezingen gegeven over het belang van diversiteit en de kracht van het verschil. Ik heb toen ook het woord bicultureel gelanceerd. Maar er is ook een keerzijde. Ik heb veel managers van multinationals gesproken. Zij zeiden: ‘Yesim, eerlijk gezegd wil ik geen diversiteit in mijn team, want dat kost veel tijd en energie.’ En ik begrijp dat ook wel.”

Wat betekent diversiteit voor jou?

“Ik kijk er nu – jaren later – wat anders naar. Diversiteit is niet meer alleen de kracht van het verschil, maar tegelijkertijd ook het omarmen van elkaars zwakte. Om diversiteit te kunnen bespreken moet je de dilemma’s benoemen. Competitief zijn is een kracht, maar het kan ook betekenen dat iemand over lijken gaat.”

Wanneer is diversiteit een kracht?

“Als je je in verschillende groepen kunt bewegen. Wanneer ik in een gemengde wijk was blijven wonen, en ik alleen maar Turkse vrienden had gehad, dan was ik nu een heel ander mens geweest. Maar ik vertrok, ging studeren en ontdekte andere culturen. Om in verschillende groepen te kunnen integreren, moet je een beetje een kameleon zijn. Die flexibiliteit heeft me veel gebracht. Op de zondag dat Feyenoord kampioen werd, stond ik als Rotterdamse op de Coolsingel tussen de hooligans en ik voelde me daar thuis, óók als Nyenrodiaan.”

De wedstrijd ‘Inspiratie voor Integratie’ bij De Baak – waarmee Yesim biculturele talenten wil binnenhalen – krijgt veel publiciteit en de politiek lonkt. Yesim vertrekt bij het opleidingsinstituut en richt ‘Partij één’ op. Na drie jaar tevergeefs strijden – en de val van kabinet Balkenende – stopt ze er in 2010 mee. Achteraf gezien noemt ze de politiek een gesloten bolwerk en de oprichting van de partij een onmogelijke missie. In dat jaar wint ze de Aletta van Nu-prijs; een onderscheiding van vrouwen voor vrouwen. Enkele jaren later publiceert ze haar boek Nederland wordt wakker!.

We zijn nu weer een paar jaar verder. Hoe staat het met de biculturaliteit van Nederland?

“Alleen maar gezeur, aan beide kanten. Van linkse activisten mag je niet meer zeggen: Marokkaanse hanggroepjongeren. Dan denk ik: houd toch op! Het draagt niets bij aan de discussie rondom diversiteit. Ik ben een Nederlandse Turk punt. Het is geen vloekwoord, je mag mensen best benoemen. Links en rechts vechten hun gelijk uit op twitter. Ze zijn uit op oorlog, dat vind ik echt.”

Waar komt al die agressie vandaan?

“De angst regeert. Die is na 9/11 gegroeid. Mensen leggen de link tussen islam en terrorisme. Ik begrijp het wel. Een paar jaar geleden zat ik met mijn dochter in het vliegtuig van Amsterdam naar Istanbul. Er kwam een familie in boerka aangelopen, ik werd bang en heb toen tegen het personeel gezegd: ik stap daar niet in. Ze hebben die familie toen opnieuw gecheckt.

Maar ook in Turkije heb ik die angst gevoeld. Tijdens een busrit met mijn man en kinderen stapten twee mannen met lange baarden in. Ik zei: stop de bus. Mijn man schaamde zich dood. Het kan me niet schelen. Ik ben moeder en wil mijn kinderen beschermen. Het is normaal om angsten te hebben. Daarom heb ik ook begrip voor extreem-rechts. Ik ben blij dat de PVV er is.”

En dat zegt een Turkse moslima…

“Ja, die partij benoemt maatschappelijke problemen en zorgt ervoor dat de wond, die er al is, bespreekbaar wordt. Hetzelfde geldt voor het Forum voor Democratie. De Wildersen en Baudets van deze wereld zijn niet altijd even tactisch, maar ze mogen er zijn. Behalve de angst voor aanslagen zijn ze bang dat de Nederlandse cultuur verdwijnt. Als Turkse Nederlander irriteert het me ook wanneer ik in Amsterdam de weg kwijt ben en niemand mij in het Nederlands kan uitleggen waar ik ben.

Maar om nou overal de discussie over aan te gaan en gelijk te willen krijgen… daar moeten we niet naartoe. Ik ben het niet eens met extreem-rechts, maar ik ga niet op hun provocaties in. Het is hun mening. Zolang je niet gaat schelden, mag je er zijn. Laat mensen hun standpunt ventileren zonder elkaar kapot te maken. Elkaar laten uitspreken, dat is toch democratie? Je persoonlijke voorkeur publiek kunnen maken. We maken elkaar monddood op dit moment.”

Hoe moet het verder met de biculturele groep?

“Doe mee: ga naar school, zoek een baan. Kansarme immigranten bestaan niet: wij maken ze kansarm door ze bijvoorbeeld geen baan te gunnen of door ze te stigmatiseren. Neem nou zo’n recent onderzoek van een aantal universiteiten, waaruit blijkt dat werkgevers liever criminelen dan biculturelen aannemen, dat maakt mij woest. Wat willen ze hiermee bereiken? Zo’n studie helpt de integratie en acceptatie totaal niet. Die maakt jonge werkzoekenden onzeker en werkt alleen maar slachtoffergedrag in de hand. Dan gaan mensen anoniem solliciteren of een school aanklagen, omdat hun kind niet op de schoolfoto staat.”

Geluk van twee culturen: wat is dat voor jou?

“Ik heb twee landen en twee culturen waar ik me heerlijk voel. Tegen mijn kinderen zeg ik vaak: jullie zijn zo rijk, wees trots op je afkomst. Het zorgt ervoor dat je in staat bent om dingen vanuit verschillend perspectief te zien.

Volgend jaar is het 50 jaar geleden dat mijn opa Candan voet op Nederlandse bodem zette. Om dat moment te vieren wil ik een verhaal maken over onze familie. Wie en wat zijn we geworden? Mijn opa is er helaas niet bij, hij is vorig jaar overleden, maar hij is tot op de dag van vandaag mijn grote voorbeeld: keihard werken om er iets moois van te maken en wees trots op wie je bent!”

 

 

Artikel Trouw | Tóch naar Turkije

Yesim-Candan-2

Na veel aarzeling hakte onderneemster Yesim Candan de knoop door: ze ging toch naar Turkije deze zomer. Wat en wie zag ze aan de kust bij Alanya en Bodrum? En waarom leek elke kritiek op de president ineens verdampt?

Als ik niet naar Turkije ga, word ik gek; één keer per jaar laad ik daar mijn accu op met de liefde van de mensen die daar wonen – bekenden en onbekenden. Ik ben een kind van Turkse ouders. Maar nu waren er de aanslagen in Istanbul en Ankara. De mislukte coup zorgde voor nog meer angst. Is Turkije wel bestand tegen zoveel politieke onrust? Zou er niet nog zo’n militair ingrijpen plaatsvinden, waarna je het land niet zou mogen verlaten? Mijn vrienden daar zagen de straaljagers vanuit hun huiskamer, ze lagen op de grond te bellen met familie.

Vrienden en kennissen hier in Nederland twijfelden ook. Ze hadden al geboekt, maar moesten ze wel gaan? Ik ken Atilay Uslu, de Turkse eigenaar van Corendon. Als iemand het weet is hij het wel. Ik belde hem op, maar zijn telefoon stond uit. Bij hem kan dat maar één ding betekenen: hij is in de lucht. Maar waar naartoe?

Zijn directeur marketing Martin de Boer vertelde me dat Atilay onderweg was naar Turkije, met zijn gezin. Dat stelde me gerust. Mijn vrienden in Turkije vonden me ook al paranoïde. Ze vertelden dat de stranden in Alanya echt leeg waren. “Yesim, denk je nou echt dat er hier aanslagen zullen zijn? Op een leeg strand? Als ik jou was zou ik me na ‘Parijs’ en ‘Brussel’ meer zorgen maken in Amsterdam.” Ik hakte de knoop door. Toch naar Turkije, dit jaar.

Mijn plan is eerst naar Alanya, de tweede internationale stad in Turkije, waar iedere zomer heel veel Nederlanders komen. Ik kom er al vanaf mijn vijfde. Vervolgens naar Bodrum, het Ibiza van Turkije. Ik vlieg met mijn twee kinderen en slechts mijn Nederlandse paspoort. Stel je voor dat ik aangehouden wordt in Turkije met alleen mijn Turkse paspoort op zak. Wat dan? Of ben ik echt paranoïde?

We hebben alleen handbagage en geen koffers omdat ik bang ben voor een aanslag op het vliegveld. Tijdens de autorit naar de stad valt mij op hoe rustig het is. De weg is onheilspellend donker en veel hotels zijn gesloten. Andere jaren was het hier een drukte van belang. In plaats van kriebels en opwinding, krijg ik buikpijn.

De volgende dag gaan we naar het prachtige resort ‘Club Paradiso’ in Alanya waar veel Nederlanders verblijven. Bij het zwembad spreek ik met gasten daar, Monique Hamer, Shirley van Rossum en Liesbeth Augustin. Ik vraag of ze hebben getwijfeld om naar Turkije te gaan. Hun antwoord: “Natuurlijk niet, je bent toch nergens veilig?” Het grootste voordeel deze zomer is het kleine aantal toeristen; voor het eerst in jaren hoeven ze hun ligbed aan het zwembad niet al om half acht ‘s ochtends te reserveren. Het valt ze ook op hoe rustig het is in het centrum van Alanya.

‘Apart Hotel Cleopatra South’ is elk jaar een superpopulaire plek voor Nederlandse jongeren. Eigenaresse Keriman Akay mist ze dit jaar. Ze wordt altijd zo gelukkig van jongeren: “Het wordt hier dan zo levendig!” Mijn vraag over veiligheid beantwoordt ze met een glimlach. Alle hoteleigenaars krijgen van de gemeente les in veiligheid. Keriman vertelt dat er veel politie in burger, zelfs in zwembroek, rondloopt op het strand. Alles om de veiligheid te garanderen voor toeristen en Turkse strandgasten.

In Alanya ontmoet ik enkele oude vrienden – het succesvolle ondernemersechtpaar Sinem en Cem Vural. Ik ken ze al ruim twintig jaar. Ze wonen in Ankara en komen elke zomer naar Alanya. Ze werken in de modebranche en kopen veel kleren in Parijs, Milaan en New York. Hun merk CESI is een begrip in Ankara, alle hipsters dragen hun kleding. Hun mentaliteit is ‘work hard, play hard’. Uiteraard zien ze er altijd tot in de puntjes verzorgd uit – ik noem ze stiekem de Beckhams van Turkije. We spreken elkaar in hun zomerhuis in Alanya op een prachtig terras met designmeubels.

De coup kwam ze, net als bijna iedereen, rauw op hun dak vallen. Ze zochten huilend contact met hun beste vrienden terwijl de straaljagers overvlogen. “We waren ontzettend bang dat de grenzen dicht zouden gaan, dat onze bankrekeningen bevroren zouden worden. Na zo’n coup kan alles gebeuren. En het is nooit goed voor de handel”, vertelt Sinem. Het verbaast me dat ze opeens helemaal fan zijn van Erdogan. Vroeger waren ze kritischer, maar ze zijn vooral blij dat de coup in de kiem gesmoord is.

De autorit van Alanya de volgende ochtend naar de andere kant van Turkije, Bodrum, duurt bijna tien uur. Toch vervelen we ons niet. Onderweg zien we een kameel die vervoerd wordt in de achterbak van een vrachtwagen en de kinderen lachen zich rot. Onze lunch eten we langs de weg: heerlijke gözleme (hartige pannekoek met kaas en verse peterselie) en ayran (karnemelk). De Egeïsche zee heeft mede door de vele kunstenaars, artiesten en schrijvers een totaal andere sfeer en cultuur. We gaan naar het prachtige Yalikavak, waar ik als kind vaak kwam, een mooie mix tussen Saint-Tropez en Ibiza. Het voelt goed hier weer te zijn. Ik zie en spreek meer Nederlanders dan in Alanya. De hotels zitten vol, ook hier zijn de toeristen jaloersmakend nuchter over de kans op een aanslag.

Ik ontmoet er mijn vrienden Ilayda en Efe Babacan. Efe is een bekende huwelijksfotograaf en Ilayda heeft een kunstgalerie in één van de mooiste wijken van Istanbul. Elk jaar houden ze vakantie in Yalikavak. We treffen elkaar op een terras in het oude deel van de stad. “Ik ben blij dat ik tijdens de coup niet in Istanbul was”, zei Ilayda. Efe was er wel – hij was net geland met een binnenlands vlucht in Istanbul. Gelukkig kwam hij veilig thuis. Ze vertellen me ook dat ze het nieuws niet meer volgen: “We worden er alleen maar verdrietig van.” Ik herinner me ineens de pittige discussies met Ilayda over politiek en maatschappij. En we waren het lang niet altijd met elkaar eens.

Tulay Demir Oktay, columniste van de populaire Turkse krant Hürriyet, wil wél over politiek praten. Zij is ‘enorm blij dat de democratie heeft gewonnen’. Tulay stond letterlijk tussen soldaten en betogers, op de avond van de coup. Tulay is de oprichter van de Turkish Business Lobby Association; ze wil Turkije internationaal op de kaart zetten. Ik leg haar uit dat in Europa heel negatief geschreven wordt over Turkije en dat mensen zich zorgen maken over de arrestaties van mensen, onder wie veel journalisten. Tulay zucht. “Ikzou willen dat het niet nodig was, maar als de coup gelukt was, zaten we pas echt in een dictatuur, vergeet dat niet. De coup is nog maar een paar weken geleden gebeurd, vergeet dat niet.”

Het is confronterend met oude bekenden te praten. Het voelt opeens zo makkelijk om vanuit Nederland een mening te hebben over wat er gebeurt. In het dagelijks leven ziet Turkije er anders uit dan op afstand, realiseer ik me. De vele verhalen in de Nederlandse media laten vaak maar één kant horen, niet de menselijke kant. In Turkije hoor ik echte verhalen en zie hun zorgen, maar tegelijk ook hoop.

Een compleet ander verhaal hoor ik de volgende avond. Ik heb afgesproken met oude vrienden die me op het hart drukken hun namen niet op te schrijven. Ze voelen zich helemaal niet meer op hun gemak in Turkije. Ze willen emigreren naar Canada of naar Europa. Waarom, vraag ik. De mislukte coup blijkt hen bang te hebben gemaakt; ze hebben zorgen over wat er nog meer gaat gebeuren. Sommige Turken zijn bang dat Turkije een tweede Syrië wordt. Ze vragen me hun cv door te sturen naar internationale headhunters. Ze willen liever in een politiek stabiel land wonen.

Mensen spreken openhartig met mij. De algemene houding is toch wel dat men blij is dat Erdogan het heeft overleefd. Zelfs zijn tegenstanders zijn blij dat het geen chaos is geworden in het land. Veel ondernemers wijzen me op de hypocrisie van Europeanen: er wordt een aanslag in Nice gepleegd, en toch gaat iedereen in Frankrijk op vakantie. Terreur is een wereldprobleem, niet een specifiek Turks probleem. Dat geldt ook voor politieke onrust.Dit blijkt echt een andere reis dan voorgaande jaren. Maar de zenuwen die ik voor vertrek had, zijn van me afgegleden. Ik voel me hier veilig en nog steeds thuis. Ik ben blij dat ik ben gegaan. En ik gun het al die ondernemers ook dat het goed komt, dat de toeristen weer toestromen. Nog zo’n jaar zullen de meeste hotels en restaurants niet overleven. Eenmaal op de luchthaven denk ik: houd je sterk en rustig, Turkije. Ik wil volgend jaar graag met mijn Nederlandse vrienden komen om hun dit mooie land te laten zien.

Interview LINDA | ‘Denk heeft een heel negatieve insteek’

Yesim-Candan-Linda-Magazine

De Turks-Nederlandse Yesim Candan (41) heeft zich aangemeld als kandidaat voor de Tweede Kamer, voor het CDA. Vandaag heeft ze de laatste ronde in haar selectieprocedure.

Vandaag heb je je laatste gesprek – hoe gaat die selectieprocedure nou eigenlijk in zijn werk?
“Er zijn drie rondes. Eerst moet je je online aanmelden met een cv en een motivatiebrief. Ook moet je je deskundigheid aantonen, dus je levert een heel boekwerk in. Daarbij helpt het als de CDA-afdeling van de gemeente of provincie waarin je woont jou steunt als kandidaat. Stap twee is het eerste gesprek. In stap drie – vandaag dus – krijg je een persoonlijkheidsmeting en twee cases, die je binnen drie kwartier moet beantwoorden. Maandag weet ik dan of ik word voorgedragen voor de lijst.”

Waarom wil je de Tweede Kamer in?
“Ik wil verandering teweegbrengen en dat kan in de Tweede Kamer, omdat je dan invloed hebt op wetgeving. Ik wil een voorbeeld zijn voor biculturele Nederlanders (Yesim bedacht zelf de term ‘bicultureel’ ter vervanging van ‘allochtoon’, red.). Partij DENK zet zich daar ook voor in, maar heeft een heel negatieve benadering. Zij voeren ouderwetse politiek: ‘Iedereen tegen ons is slecht’. Ik wil juist aantonen dat iedereen unieke talenten heeft en ook mee kan in de samenleving.”

Vroeger zat je in Partij Eén, die je zelf oprichtte. Waarom nu CDA?
“Met Partij Eén wilden we eigenlijk al samenwerken met CDA, maar dat mislukte toen. Ik ontmoette vervolgens een CDA’er die tegen mij zei: ‘Jij gelooft zó in waarden, jij bent een CDA’er in hart en nieren’. Toen heb ik me aangemeld voor het bestuur in Amsterdam. Wat ze zei klopt: ik voel me er echt thuis.”

Als je daadwerkelijk de Tweede Kamer ingaat, wat wordt dan je eerste belangrijke stap?
“Ik denk dat veel mensen niet goed weten wat Kamerleden doen. Dat wil ik graag laten zien, bijvoorbeeld door te vloggen: hoe gaat je dag eruit zien, wat komt er allemaal bij kijken? Iedereen is in de ban van House of Cards, maar weinig mensen zijn op de hoogte van het politieke wereldje.”

Over House of Cards gesproken: heb je al smerige politieke spelletjes meegemaakt?
“Dat niet, maar ik denk wel dat je spelletjes moet kunnen spelen. Niet zoals in de serie hoor – ik wil niemand voor de metro duwen, haha. Maar je moet wél dealtjes sluiten en goed kunnen onderhandelen. Je moet flexibel zijn, maar ik denk ook dat je trouw moet blijven aan jezelf. Als je verandert door het politieke wereldje, raak je je ambities kwijt.”